vrijdag 19 januari 2018

'De ontdekking van de zeekaak' – Warm Winter Fest


Dat was genieten! Adri van Beelen en Jan de Vreugd speelden De ontdekking van de zeekaak* op het Warm Winter Fest in Katwijk.


Daar had ik best een uur wachten voor over. En na afloop kreeg je ook nog zo'n overheerlijke zeekaak!


*Waar ging het over? Dit lezen we in de folder: De Katwijkse bevolking balanceerde ooit op de rand van uitsterven. Eenzijdig voedsel deed de Katwijkers de das om. Totdat een van de slimste stuitte op een fenomenaal hoogwaardig product dat nog lekker was ook.

maandag 1 januari 2018

Mooi begin van het nieuwe jaar


Nu al voor de tweede keer, dus dan mogen we het een traditie noemen, waren we bij het Nieuwjaarsconcert van het Nederlands Blazers Ensemble in het Concertgebouw. Fantastische muziek en animaties!






vrijdag 29 december 2017

'Jonathan The Giant Whale'


Mijn vader vertelde eens dat ze op de koopvaardij een walvis vervoerd hadden. Het dier lag in een trailer met een dekzeil erover met daarop in grote letters JONAH THE GIANT WHALE. Naar de profeet Jona, die drie dagen in de buik van het dier overleefde (2 Koningen 14:25). Nu hadden ze de walvis zelf die naam gegeven. Op de foto die mijn vader ervan heeft, kun je het woord Jonah net niet zien. Misschien daarom dat mijn vader het altijd over Jonathan heeft. Iedere keer als hij het verhaal vertelde en de foto's erbij pakte waarop de trailer in het ruim wordt gehesen, ging het over Jonathan The Giant Whale. Die walvis ging de hele wereld rond. Ze hadden hem speciaal geprepareerd om hem als een soort van kermisattractie overal tentoon te stellen. Dat was in de jaren vijftig.


Maar daarmee was het verhaal van mijn vader niet af. De bijzondere lading namelijk zette de bemanning meteen aan het denken. Wat kon je met zo'n beest? Hij vertelde dat ze hem bij het prepareren helemaal leeggehaald hadden. Het dier was helemaal hol vanbinnen. Dat schiep mogelijkheden. Je kon er wat in vervoeren. Dus doken ze, zodra de walvis was ingeladen en het schip nog in de haven lag, onder het dekzeil, kropen in de bek van het dier en propten hem helemaal vol met belastingvrije drank en sigaretten.

***

Van jaren later, de jaren tachtig misschien, herinner ik me ook zo'n walvis in een oplegger, die in Katwijk in de wijk Hoornes op het kermisterrein geëxposeerd werd.

Hieronder nog wat foto's die ik van het wereldwijde web geplukt heb en waarop je ziet hoe zo'n dier tentoongesteld werd en ook dat hij toch echt Jonah heette.



maandag 18 december 2017

Zo koud

Mijn vader op de Muphrid.

We hadden het over de regen en de kou en die hagel ertussendoor. Twee keer was ik die dag natgeregend. Je ging droog weg en dan kwam er toch weer een bui onderweg. Zo koud was het nog nooit geweest. Dat was twee zaterdagen geleden, op 9 december.

De Muphrid.

Willem had de eerste correcties van het woordenboek achter de rug. Hij had nu wel een veel beter beeld van de Katwijkers gekregen en ook van de de visserij. We hadden het erover dat die visserij wel een heel zwaar beroep was en dat het op zee nog wel tien keer kouder was dan nu aan de wal. Het beroep van visserman werd veel te veel geromantiseerd. Dat m'n vader wel eens vertelde over de noordelijke Noordzee. En over de Oostzee, maar dat was in zijn koopvaardijtijd, dat dan de ijspegels aan de masten en touwen hingen.


dinsdag 28 november 2017

De tricolore – De Voorstraat (8)

De tricolore van Haasnoot.

Vlak voor het politiebureau had je, en heb je, aan dezelfde kant van de straat, de firma Haasnoot, met een meubelzaak.* Aan de overkant van de straat, in het oude postkantoor, hadden ze, en hebben ze, ook een meubelzaak. Ze verkochten er al die eikenhouten kasten en bankstellen die toen in Katwijk in de mode waren.** Uit balorigheid hebben we er een keer de Franse vlag van de gevel gehaald. Die moeten ze wel gemist hebben, want er hing een hele rij vlaggen, van allerlei landen, en deze hing aan het begin, gezien vanuit het oosten, dus vlak naast het politiebureau. Het hoorde natuurlijk niet, en het valt niet goed te praten, een vlag van de gevel plukken. Maar je was jong, in een dorp, waar verder niet veel te beleven viel. En het was midden in de nacht, na het stappen, onderweg naar Den Dulk, voor een paar gevulde koeken, warm, die ze voor de zaterdagochtend aan het bakken waren.
Die vlag hing best wel hoog, en niet aan de gevel, wat ik zojuist nog wel beweerde, maar aan de rand van een overkapping, wel anderhalve meter van die gevel af, dus stond je als een vriend van je je met zijn handen een voetje*** gaf, flink in een onbalans. Als je op die handen stapte, moest je gelijk zijn schouders grijpen en dan in één beweging omhoog en dan meteen de rand van de overkapping pakken om direct daarachteraan de vlag uit z'n houder te halen. Je duwde hem als het ware nog wat verder de lucht in. De tricolore! De tricolore... ligt nog altijd netjes opgevouwen in m'n kast.

* Op de plek waar in het vorige bericht links van het politiebureau dat huis en die paar schuren stonden.
** Geloogd massief eiken uit Oisterwijk. Waarvan verhalen rondgingen dat er beton in zat, zo zwaar was dat.
*** Ik denk dat we zo'n voetje een handje noemden: 'Geef effe 'n handje!' was het.

woensdag 22 november 2017

Proefrijbewijs – De Voorstraat (7)

Het vroegere politiebureau aan de Voorstraat, nu Katwijks Museum.*

Wat verderop in de Voorstraat zat het politiebureau, in wat nu het museum is. In een kamer voor in het gebouw, met ronde ramen, ik bedoel ramen van gebogen glas, zaten tegenover elkaar twee agenten. Daar haalde ik m'n proefrijbewijs voor m'n scooter op waarmee ik met een blauw bordje met een witte L achterop door het dorp mocht rijden om te oefenen. Tot je echt af moest rijden. Ik denk dat ik in Katwijk in 1982 de enige met een motorscooter was. Voordat het een politiebureau was, was het het huis en kantoor van reder Meerburg. Door een zijraam kregen de vissers hun loon uitbetaald. Dan bleef de boel netjes.

* Er is veel te zien op de foto van het politiebureau: de dienders met hun degelijke fietsen, klaar om aan hun ronde te beginnen, de spelende kinderen op de stoep, een vrouw die net haar fiets neerzet of weer weg wil gaan bij de ingang en onder het raam waar de vissers hun loon kregen uitbetaald, de muur van de erfafscheiding die opnieuw is opgemetseld en behalve de klimop ook nog twee vriendelijke plantenbakken bij de ingang. Links naast het bureau staat een huis en daarachter een paar schuren. Op die plek staat nu de meubelzaak van Haasnoot.

zondag 19 november 2017

Wonen – De Voorstraat (6)


Wonen in de Voorstraat had bepaald wel sfeer. Zo'n winkelstraat, vooral op zaterdag. Dan kon je als je uit je raam keek, bijna op de hoofden lopen. Zo druk was het. Maar om vijf uur, als de winkels dichtgingen, was het in één klap uitgestorven. Een gans lege straat. Iedere week weer een hele bijzondere ervaring.

Ook het opstarten van zo'n straat en opengaan van de winkels 's ochtends vroeg was mooi om te zien. Deuren die van het slot af gingen, borden die buiten gezet werden, hier en daar nog een winkelruit die gezeemd werd, een stoepje geveegd. Laat maar komen, die klanten.

Bij het Valutahuis, dat was de sigarenboer, zag je altijd als eerste de mensen naar binnen gaan, vooral mannen, om een krant en om shag. Voor de deur stond soms nog een brommer te draaien.


Jammer dat ik er maar zo kort heb gewoond, aan de ene kant, aan de andere kant ook niet erg, want Jamin was weg en al die andere mooie panden die er aan de overkant van de Badstraat gestaan hadden. Dan zou je dat vreselijke badcentrum voor je neus krijgen.

woensdag 15 november 2017

Hofnar – De Voorstraat (5)


Als je van de kant van de Boulevard de Voorstraat in kwam, kon je 'm niet ontlopen, na de winkel van Van der Velden, de banketbakker,* dat zijraam van het Valutahuis, helemaal gevuld met die vent met die gemene kop. Waar is die ruit gebleven?

Dit is wat ik vind op internet. Maar de ruit had een zwarte achtergrond en er stond in plaats van HOFNAR waarschijnlijk WILLEM II.

En dat is wel weer frappant. Ook deze kop leek ook weer erg op dat hoofd van de sigarenboer** die in de winkel stond. Net als die Meneer Jamin van schuin aan de overkant op de hoek met de Badstraat die op Ton van Duinhoven leek. Zou het zo zijn dat winkeliers gaan lijken op de meneer of mevrouw in de reclame voor wat ze verkopen? Zoals baasjes vaak op hun hond of paard lijken.

* Waar later Krijn Verdoes in gekomen is. Die zat eerst waar nu boekhandel Het Baken zit, op de hoek van de Secr. Varkevisserstraat en de Drieplassenweg.
** Jaap van Rijn.

zaterdag 11 november 2017

Meneer Jamin – De Voorstraat (4)


Bij Jamin werkte destijds, toen het pand nog fier overeind stond, een dove of doofstomme man, ik denk dat hij er de baas was. Het gekke was dat hij verdacht veel op Ton van Duinhoven leek. Zouden dat expres gedaan hebben, iemand die eruitzag als Meneer Jamin van de reclame in zo'n winkel zetten? Zou dat in het hele land zo zijn, bij alle vestigingen, overal lookalikes van Meneer Jamin?

Hieronder twee reclamefilmpjes met Meneer Jamin uit 1972.


zaterdag 4 november 2017

Bij Herman van Veen in Carré


Gisteren waren we in Carré, bij de nieuwe show van Herman van Veen. Wat een artiest! Wat hebben we genoten. Ook van de artiesten om hem heen, mooie combinatie van jong en oud. Al 52 jaar volle zalen!







dinsdag 31 oktober 2017

De sloop – De Voorstraat (3)


Je kon het voorspellen. Met het pand van Jamin en Den Hollander's Kruiderij ging het hetzelfde als met al die andere panden in Katwijk. De ene dag een brandje, wel of niet aangestoken, de volgende dag de sloop. Het kan ook een paar dagen later geweest zijn dat ze gingen slopen. En er was niet altijd een brandje voor nodig om te slopen. Maar wat zullen ze in hun handen gewreven hebben, de wethouders, de projectontwikkelaars. Ze konden door. Het hart was eruit. Dat mooie, kloppende hart van Katwijk, dat plaats moest maken voor foeilelijke, nietszeggende jarentachtigarchitectuur.

zaterdag 28 oktober 2017

De brand – De Voorstraat (2)


Om de sloop een beetje te helpen gingen panden in Katwijk meestal vooraf nog gauw even in brand. Tenminste, zo werd erover gesproken in het dorp. Een slooppand kon heel lang leegstaan, maar als de jeugd zich er eenmaal toegang toe had verschaft en er brand ontstond, werd het vaak de volgende dag nog afgebroken. Het was alsof die jeugd gestuurd werd, maar door wie? De wethouders, die de sloop van al die mooie panden maar al te graag wilden bespoedigen? De projectontwikkelaars, de aannemers? Weg is weg, dachten ze. Dan kunnen we bouwen. Je kunt ook wat anders denken na het zinnetje 'Weg is weg': al dat moois, het komt nooit meer terug!



Zo ging het die avond in 1982 ook met het pand van Jamin en Den Hollander's Kruiderij. Er was rook. Er waren zwaailichten. Slangen werden uitgerold. Daar was de brandweer. Ik kon het allemaal zien. Eerste rang. Drukte. Beweging. Oploop. Een ladderwagen. Zo voor mijn raam, het raam aan de Badstraatkant van mijn hoekkamer. Jamin en Den Hollander's Kruiderij stonden in de fik.


woensdag 25 oktober 2017

De Voorstraat (1)

Het straatnaambord dat alles gezien heeft. We zijn er vroeger heel vaak langs en onderdoor gelopen.

Ooit woonde ik in de Voorstraat. Net als Willem Duinen en Anna Boomakkers, de dochter van de groenteboer uit De familie Duinen. Eigenlijk moet ik zeggen dat ik op de hoek van de Voorstraat en de Badstraat woonde. Want ik betrok er een hoekkamer. Boven de kledingzaak van Henny's Rits, waar voor mijn tijd De Gruyter zat. De ingang van het pand bevond zich in de Badstraat. Verderop in die straat was het portiek waar Willem en Anna elkaar voor het eerst kusten.*

Ik heb er veel meegemaakt. Het nieuwe winkelcentrum** rukte op. In de zanderige vlakte met hier en daar wat losse stenen puin stond alleen het pand van Jamin nog overeind, met daarnaast een soort van drogist onder de naam Den Hollander's Kruiderij. Weldra, als ook deze panden gesloopt zouden zijn, zou ik uitzicht op zee hebben. Net als op de derde verdieping van mijn ouderlijk huis. Daarvoor hoefde je niet op de boulevard te wonen. Mijn ouderlijk huis bevond zich in de Zuidstraat, bijna even ver van zee als waar ik nu woonde.

Het pand van Jamin was aan de Badstraatkant. Aan de Voorstraatkant van mijn kamer had ik uitzicht op een makelaardij met daarnaast een Albert Heijn. Handig als je trek kreeg. Onder de overkapping van de supermarkt stonden iedere avond mannen elkaar sterke verhalen te vertellen, te roken en op de grond te spugen. Dikke fluimen. Vooral als ze de tabak pruimden. Om een uur of negen gingen ze uit elkaar om naar hun huizen te gaan.

In de tijd van de sloop van al de panden in de Badstraat is ook het straatnaambord VOORSTRAAT van de muur gevallen, de muur van de makelaardij. Een straatnaambord dat alles gezien heeft. Het hangt bij mij in de hal, als herinnering aan een voorbije tijd.

* Adri van Beelen, De familie Duinen. Kroniek van Katwijk, Leiden, Primavera Pers, 2017, p. 38.
** Het wordt ook wel badcentrum genoemd, al weet ik niet of dat een officiële naam is.