zondag 17 september 2017

De uittocht – In de Oost (1)


25 mei 2017 – ergens onderweg tussen Djakarta en Bandung.


Allemaal in de file, met alles wat maar rijden kan. Allemaal op pad voor het lange hemelvaartweekend. Moslims, christenen, hindoes, allemaal vieren ze op een andere manier hetzelfde feest en geven elkaar daarin de ruimte.

zaterdag 9 september 2017

Vlaggen voor het raadhuis – Wat nou weer? (3)

Staat er iets over in de wet?* Vroeger kreeg je er een bekeuring voor, dat weet ik wel, maar met een lampje eronder mag het opeens. Zelfs op zondag. Ons derde vlogje voor de VLOK (RTV Katwijk)** gaat over de vlaggen voor het gemeentehuis. Die waren er vroeger niet. Vroeger? Nog helemaal nog niet zo lang geleden niet.

Wel even een waarschuwing vooraf: de uitzending is niet geschikt voor jeugdige kijkers!




* Op rijksoverheid.nl vinden we de vlaginstructie, waarin onder andere staat: 'Wel zijn er gebruiken en regels (protocol) voor het uithangen van de vlag. Zo mag een gehesen vlag nooit de grond raken of het verkeer hinderen. Ook is het de gewoonte dat u de vlag niet laat hangen tussen zonsondergang en zonsopkomst. Wilt u de vlag ’s nachts wel laten hangen? Dan is het goed gebruik de vlag te verlichten, waardoor de kleuren goed zichtbaar zijn.' Dat laatste heb ik nooit geweten. Ik vraag me af van wanneer die toevoeging is.
** De uitzending was mei 2017 op tv.

donderdag 31 augustus 2017

Vijfentachtig

Met zusje Wil en broertje Wim.

M'n moeder is vandaag 85 jaar geworden. Op deze foto is ze een jaar of negentien.

donderdag 24 augustus 2017

Carel

Carel de Vink (27 februari 1887 - 28 april 1944).

Dit is de tweede man van m'n oma. Zijn geschiedenis is duister. Pas een paar weken terug kreeg ik voor het eerst deze foto te zien. Ook hij ging vroeg dood. Uit zijn eerste huwelijk met Jacoba van Duijn (14 oktober 1892 - 22 juni 1928) had hij zes kinderen. Bij mijn oma kreeg hij er nog zes. Met m'n ome Jaap erbij, de zoon uit haar eerste huwelijk, is dat dertien. Zeven van haarzelf. Ze trouwden op 22 mei 1930.

M'n ome Jaap vertelde me een keer dat hij bang was voor die man. Dat hij zich als kind – hij zal toen een jaar of tien geweest zijn –, verstopte achter de rokken van z'n moeder als ze hem tegenkwam op het land. En dat hij haar steeds mee uit nam naar Rotterdam. En ik dacht altijd dat hij aan een tumor in zijn hoofd overleden was, maar het was wolf. Dat krijg je in je gebit. Hij lag daarvoor in een kliniek in Wassenaar.

M'n vader was twaalf toen z'n vader overleed. Hij is naar hem vernoemd. Ik ook. Omdat ik het altijd een rotnaam vond – de naam klinkt me te hard –, liet ik me liever met mijn tweede naam aanroepen.

M'n opa was landarbeider. Dat verklaart misschien dat m'n vader ook een tijdje op het land gewerkt heeft, van zijn twaalfde tot zijn veertiende. Toen ging hij naar zee. Maar aan boord noemden ze hem Kees. Zo wordt hij nog door iedereen genoemd. Carel was een buitenissige naam, die kenden ze niet in Katwijk. M'n vader was erg mager in de tijd dat hij voor het eerst ging varen. Hij herinnert zich nog dat ze tegen hem zeiden: 'Keesje, je moet wel eten!'

Met dank aan Marianne Spaargaren-de Vink en Maria Hensbergen-de Vink voor de foto.

donderdag 17 augustus 2017

Op de foto

Aaltje Schaap (11 augustus 1896 - 26 april 1976) en Jacob van Duijn (16 juni 1898 - 20 febuari 1918).

M'n oma van vaderskant met haar eerste man.

Hoe ze in de camera kijken. Zij met die verliefde, verwachtingsvolle blik, minzaam, hij stoer voor zich uit, een hand op haar schouder. Je moest er helemaal voor naar Leiden, naar de Haarlemmerstraat, schemert er door op de rand van de foto. Nummer 47. Zat daar een fotograaf? Ze heeft zich er mooi voor aangekleed, een wrong in haar haar, een ketting om en een riem met een grote, vierkante gesp. Hij een pet op en in de nog vrije hand een sigaar.

Ze trouwden op 20 december 1917. Ergens daarvoor zal de foto gemaakt zijn, waarschijnlijk toen ze verloofden.

Het huwelijk van Aaltje en Jacob duurde twee maanden. In het Leidsch Dagblad van 1 maart 1918 lezen we dat de YM 242 'Adriana Johanna' waarop Jacob voer als matroos, in de vroege morgen van woensdag 27 februari op een mijn liep. Zoon Jacob (de halfbroer van mijn vader uit het vorige bericht) werd een maand later geboren, op 27 maart 1918.

Leidsch Dagblad, 1 maart 1918.

Volgens een bericht in de Leidsche Courant is de ramp met de YM 242 echter al een week eerder gebeurd, op woensdag 20 februari. Kranten schrijven elkaar over. Dit is ook te lezen in een verklaring aan de Inspectie voor de Scheepvaart van schipper J. Vink van de YM 178 'Nora', die het ongeluk heeft 'zien' gebeuren. Uit een verklaring aan dezelfde inspectie van reder J. van Beelen wordt duidelijk dat de Adriana Johanna 'voor het laatst is uitgevaren' op de maandag daarvoor.

Verklaring van schipper J. Vink van de YM 178 'Nora' van 20 februari 1918.*
Verklaring van reder J. van Beelen van 11 maart 1918.

Met dank aan Jan van Welie en Jan Sneijders voor de laatste informatie.

*Tekst van de verklaring, waarin een enkele spelfout stilzwijgend is verbeterd: [...] Bij een stijve bries met lichte sneeuw, buien, werden wij vanmorgen om 7 uur door de wacht gewaarschuwd dat een vaartuig op een mijn liep. Wij hebben onmiddellijk het net ingehaald en hebben ons naar die plaats begeven. Daar gekomen zagen wij behalve wat wrakhout een sloep vol water met een man erin die ons toeriep. Wij wierpen hem een lijn toe met de reddingsboei eraan, die hij beetpakte. Wij haalden hem naar ons toe maar met optrekken langs het schip liet hij zich los en verdween in de diepte. Toen hebben wij dadelijk onze sloep buiten gegooid en zijn naar die plaats geroeid maar we hebben niets meer gezien. De sloep was gemerkt Y.M. 242. [...]

maandag 14 augustus 2017

Op zaterdagmorgen


M'n vader (r) bij z'n halfbroer, m'n ome Jaap.

Dat was altijd op zaterdagmorgen. Iedere week, voor het middageten. M'n ome Jaap z'n vader verdronk op zee. Waarna hun moeder hertrouwde, nog zes kinderen kreeg en haar tweede man uit een eerder huwelijk nog zes kinderen meebracht. M'n vader is de tweede van die zes kinderen, de oudste zoon.

donderdag 10 augustus 2017

Op de logger

M'n vader is die jongen, derde van rechts, van opzij gefotografeerd.

M'n vader als visserman.

Hij ging met z'n veertiende jaar naar zee. Dat was vlak na de oorlog, in 1946. Daarvoor werkte hij vanaf z'n twaalfde op het land. Zijn vader was in 1944 jong overleden en liet een moeder met zeven kinderen achter. Er moest brood op de plank.

maandag 7 augustus 2017

In de duinen

Zomer of herfst 1964, ik ruim 2 jaar oud, m'n vader ruim 32 jaar.

M'n vader als speelkameraad.

Ik met een bal, m'n vader met de vlieger. Wanneer kan-ie de lucht in? 

donderdag 3 augustus 2017

Van dichtbij

Hilversum, 1951. Staand, rechts.

M'n vader als marineman.

Den Helder, 1951. Rechts.

vrijdag 28 juli 2017

Op de plaat – het kan nog erger

Marine-Opleidingskamp, Hilversum, 1951.
De foto meet in werkelijkheid 14 x 30 cm. Klik erop voor een vergroting.

Dit is zo'n foto waarbij m'n vader altijd zei: 'Kijk, hier sta ik', en dan gewoon maar iemand aanwees. Hij staat er wel op, hoor. Ergens achteraan, onder dat kanon.

woensdag 19 juli 2017

Op de plaat in de Nieuwe Kerk

De plaat. Klik op de foto om te zien wie u nog kent.

M'n opa en oma staan nog op een plaat die in de Nieuwe Kerk is opgenomen. Je moet even zoeken maar dan vind je ze. Ze zitten in het middengestoelte net links van het orgel* en dan iets naar voren, een rij of vier van achteren. Op de detailfoto hieronder kunnen we ze beter zien. M'n oma is die vrouw met dat hoedje (met rand) net rechts van het midden. Je ziet alleen haar ogen en neus. M'n opa zit links van haar, links van het midden op de foto. Het is de man die zijn nek uitsteekt – want hij wil natuurlijk wel op de foto. Het is net of hij grote oren heeft, maar dat is gezichtsbedrog, want dat komt door de kleding van de mensen die achter hem zitten. Bij zijn linkeroor is dat 'oor' heel duidelijk het overhemd van de man achter hem. Tussen m'n opa en oma zien we nog twee mannenhoofden, een schuin voor m'n opa en een die tussen die man en m'n oma door kijkt. Zo, nu is wel duidelijk wie m'n opa en oma zijn.


De plaat – we hebben het hier over een langspeelplaat – is uit jaren 60. Het is de derde in een serie en de opbrengst ervan was 'geheel bestemd voor de bouw van een orgel in de nieuw te bouwen Nederlands Hervormde Kerk in de wijk "Hoornes" te Katwijk aan Zee', staat er op de achterkant van de hoes. Wanneer de plaat precies is opgenomen weet ik niet, maar omdat de Pniëlkerk, zoals 'de nieuw te bouwen kerk' zou gaan heten, op 23 februari 1968 in gebruik werd genomen, kunnen we hem wel ergens voor die datum dateren. En waarschijnlijk na 30 september 1966, omdat toen door dominee G. Boer de eerste paal werd geslagen. Laten we het houden op de herfst of winter van 1966 of 1967, want de mensen hebben dikke jassen aan.
Behalve de gemeente die zong, deden er heel wat koren mee: het Christelijk Gemengd Koor 'Hallelujah', onder leiding van Joh. Admiraal, onder de noemer 'verenigde koren' het Gereformeerd Kerkkoor, het Hervormd Kerkkoor 'Molenwijk' en de Christelijk Gemengde Zangvereniging 'Soli Deo Gloria', alle drie onder leiding van Bram Zaalberg, het Nederlands-Hervormd Zondagsschoolkoor 'Het Mosterdzaadje', onder leiding van D. van der Plas, en verder de Christelijke Muziekvereniging 'UNI'** met solisten, onder leiding van N. Houppermans. Het is groots aangepakt, want een van de koren komt uit Leiden, een ander koor uit Koudekerk aan den Rijn. Het orgel werd bespeeld door Dick van Rijn en de gemeentelijke samenzang stond onder leiding van Wim de Ruiter. Het is allemaal te lezen op de achterkant van de hoes hieronder. Met ook de 'Tekst der liederen'. We zien dat de foto op de hoes gemaakt is door fotograaf Kruyt. Wat een mooie compositie met die kroonluchters. Die geven het ook die herfstige avondsfeer.

Het moet een hele belevenis geweest zijn in die tijd, een plaatopname. De meeste mensen hadden niet eens een pick-up in huis, alleen een radio, en als ze tv hadden, waren daar in zwart-wit twee zenders ('netten') op te ontvangen, Nederland 1 en 2, maar aan hun stralende gezichten te zien waren ze met het eenvoudige leven dat ze leidden toch heel gelukkig. Je kan er jaloers op worden. Vooral als ze de kerk uit kwamen en daar aan de overkant van de straat in volle glorie het gast- en weeshuis ontwaarden, niet wetende dat er in het mooie dorp waarin ze woonden nog geen tien jaar later lieden*** het voor het zeggen kregen die deze hoogstandjes van onze vaderlandse architectuur**** met de grond gelijk zouden maken.

De achterkant van de hoes. Klik op het plaatje voor een leesbare vergroting.

Tot slot nog de volgende vraag: wie heeft voor mij de originele (gedigitaliseerde) foto van fotograaf Kruyt? Dan zouden we alles een stuk scherper zien! Graag uw reactie.

En! Alle berichten over de Nieuwe Kerk of daaraan gerelateerd, hebben nu een eigen label: 'Nieuwe Kerk'. Klik daarop in de wolk van labels in de zijbalk van Huize Zeezicht om alle berichten over de kerk te lezen.

* Het is nog het oude orgel, dat niet zo naar voren gebouwd is als het nieuwe.
** Afkorting voor Uitspanning Na Inspanning.
*** Grote domoren. Dit is nog een milde aanduiding. Aan de wet hielden zij zich in ieder geval niet en van democratische besluitvorming hadden zij nog nooit gehoord.
**** Het weeshuis en gasthuis werden ontworpen door architect H.J. Jesse en respectievelijk gebouwd in 1902 en 1908. De Nieuwe Kerk dateert van veel eerder. In 1884 is het het eerste gebouw dat Jesse ontwerpt. Hij is dan pas 24 jaar. In die tijd bouwt hij vooral in de Hollandse neorenaissancestijl. Later krijgt de stijl van Berlage meer invloed op zijn werk.

dinsdag 18 juli 2017

De Nieuwe Kerk – morgen de apotheose!


De Nieuwe Kerk, met luchters als wereldbollen, waaromheen de sterren cirkelen als de lampen branden gaan.

Morgen, om 10.00 uur op Huize Zeezicht!

maandag 10 juli 2017

Nog meer Nieuwe Kerk


In 2011, één jaar na het 150ste geboortejaar van Hendrik Johannes Jesse (10 juli 1860), maakte Adri van Beelen in de serie 'Sporen van vroeger' een prachtige en uitgebreide reportage over de Nieuwe Kerk. Met een interview met een kleindochter van de architect, Anneke Jesse. Ik had het gemist, maar ben blij dat Adri me erop attent maakte. Wat heeft deze architect ons veel moois nagelaten! Moois en veel, inderdaad. Zoals in de reportage terecht wordt opgemerkt, was hij een echte workaholic. Overal vind je nog zijn markante gebouwen en woonhuizen. De omgeving had er beslist anders uitgezien als Jesse er niet was geweest.
In de serie over de Nieuwe Kerk, ruim een week geleden op deze blog door mijn familie in gang gezet, brengen we deze film weer onder de aandacht. Het zeer inventieve camerawerk is van Jaap Arnoldus. Ga er maar eens lekker voor zitten.


En... óók belangrijk om alvast maar te vermelden... in het najaar komt er van Adri een heel nieuw boek uit, over Katwijk!