dinsdag 21 maart 2017

Een plein in Venetië (2)


Het plein, je komt er altijd langs, heel vroeg al, als je gaat ontbijten, want dan moet je buitenom, over straat, over de straat aan het plein. Een plein in het noorden van de stad. Een stil plein, heel anders dan dat plein in het zuiden van de stad.

Waarom zou het zo stil zijn? Omdat het vlak bij vaporettohalte Fondamente Nove is? Waar mensen aankomen om de stad te bezoeken en uitgerust van de bootreis het plein overslaan, om maar gauw in het centrum te komen. Waar mensen zich heen spoeden, om de boot nog te halen, naar Murano of het vliegveld.

maandag 6 maart 2017

Het schilderijtje van Frederik van Eeden – Op het schrijversstrand (13a)

Frederik van Eeden, Gezicht op Katwijk. Olieverf, doek op paneel, 23 x 31,6 cm.
Drents Museum, inv./cat.nr S 329.

Dit schilderijtje, van Frederik van Eeden, Gezicht op Katwijk, is binnenkort te zien op de tentoonstelling Katwijkse buurtjes en straatjes in het Katwijks Museum.

In oktober van het afgelopen jaar tipte Gerard Brouwer mij over het bestaan van het schilderijtje en schreef ik erover op Huize Zeezicht. Over die zomer van 1888, toen Albert Verwey en Willem Kloos bij mevrouw Vooys logeerden, in de Voorstraat, vlak bij waar nu het DunaAtelier is, en Van Eeden daar achter op het balkon de kwast ter hand nam. Voor een doekje, nauwelijks groter dan een A4'tje, maar o, hoe schitterend!

Klik op de blauwe woorden om alles nog eens na te lezen. De blauwe woorden worden paars als je er al een keer op hebt geklikt, maar dat is een goed teken.

woensdag 22 februari 2017

Voor Gerard


Op 25 augustus zat hij vooraan in het zaaltje, al heel ziek. Stiekem wilde ik hem verrassen. Het kon nog één keer. En na m'n praatje was het: "Ga hiermee door, Leendert, ook als ik er straks niet meer ben."

Zo begon ik:

"Beste mensen,

Ik weet  nog, op 3 mei, in m'n  middagpauze, dat m'n telefoon ging [...]. Het carillon van het stadhuis had net gespeeld... Gerard... Gerard Brouwer die belde. En bij het noemen van zijn naam wist ik al meteen waarvoor. Of ik weer een praatje in het DunaAtelier wilde houden. Vorig jaar had ik dat verhaal van mijn 'Vroege herinneringen' verteld, over hoe ik Katwijk in de jaren zestig beleefd had. Of ik weer zoiets kon doen.

Gerard is altijd erg enthousiasmerend, erg motiverend, weet je goed over te halen... Dus ik had nog wel even zoiets van 'maar ik schud ze niet uit m'n mouw, ik heb ze niet zomaar klaarliggen, die verhalen', maar tegelijkertijd ook al zoiets van 'wel leuk'... vooral ook vanwege de plek. Lekker zaaltje, soort huiskamer, met al die schilderijen... augustus, september... nazomerwarmte aan zee. Warm zaaltje, letterlijk en figuurlijk.

Gerard ging door. Het maakte niet uit wat. Alles is goed. We babbelden nog wat verder en aan het eind van die paar minuten [...], in die middagpauze op de stoep van de Breestraat tegenover het Leidse stadhuis, was ik al voor 75 procent om. En toen ik door de Pieterskerk-Choorsteeg terugliep naar de Witte Singel, was het al 90 procent. En ik geloof dat ik op m'n werk was en Gerard een appje stuurde dat ik er (zelfs) al bijna toe besloten had.

Vorig jaar had ik dat verhaal van 'Vroege herinneringen', appte ik. Als ik dan nu dat verhaal over m'n blog doe, zo'n compilatie, waarin ook weer dingen van 'Vroege herinneringen' zitten, van wat ik toen in De Bonte Kraai gedaan heb, met dingen van toen erin en nieuwe dingen van nu. En dan volgend jaar weer 'Vroege herinneringen', want dat is iedereen na twee jaar vergeten, en dan het jaar erna weer die compilatie van m'n blog.

Ja, appte Gerard, het maakt helemaal niet uit wat je doet. Het is allemaal goed. De mensen willen vermaakt worden.

Dan doe ik het, antwoordde ik. [...]"

Toen begon ik mijn verhaal. Maar het begin was voor Gerard. Hij zou me nooit meer bellen.

Afgelopen maandag 20 februari is Gerard Brouwer overleden.

zondag 5 februari 2017

De Pyramide van Austerlitz


Vandaag kwamen we* tijdens de NS-wandeltocht van Driebergen naar Maarn langs de Pyramide van Austerlitz. Gebouwd in de Franse Tijd, omdat de manschappen niks te doen hadden.


Generaal Marmont is commandant van de Franse troepen. Als oefengebied heeft hij de heide tussen Woudenberg en Zeist uitgekozen. 18.000 man zijn daar gelegerd. In de nazomer van 1804 geeft Marmont zijn troepen de opdracht om, als eerbetoon aan keizer Napoleon, een piramide van zand en heideplaggen op te werpen. Hij was daardoor geïnspireerd geraakt tijdens een expeditie naar Egypte.


De soldaten doen er 27 dagen over. In amper vier weken wordt er op het hoogste punt van de Utrechtse Heuvelrug met militaire precisie een piramide neergezet.


Bovenop wordt een houten obelisk neergezet die, omdat hij helemaal was scheefgezakt, in 1808 weer verwijderd wordt. In 1894 komt er op dezelfde plaats een stenen obelisk, die inmiddels ook een beetje scheef is gaan staan.


Het is een beetje een gek ding, die piramide. Koning Lodewijk Napoleon geeft haar de naam Pyramide van Austerlitz (op zijn Frans geschreven, met een y), ter ere van de grote overwinning van zijn broer de keizer, eind 1805, op de Oostenrijkse en Russische legers bij Austerlitz (nu Slavkov in Tsjechië). Het dorpje dat bij de piramide ontstaat, om al de soldaten die er gelegerd zijn te verzorgen, krijgt dezelfde naam.


Boven op de piramide kun je ver kijken, naar de Domtoren in Utrecht. Je kan Leiden zien liggen en ook de Noordzee, met de flats van Katwijk. Maar vandaag was het er te dampig voor.


In een reisgids uit 1890, aangehaald boven op de piramide, luidt het: 'Een schoon panorama overzien we van den top. De heuvelrij vertoont hier eene inzinking, waardoor we zeer ver op de Veluwe kunnen zien. In zuidelijke richting liggen de vlakke kleigronden en naar 't noorden de Zuiderzee. De hooge torens van Amersfoort in de onmiddellijke nabijheid en Utrecht in de verte, en vele andere torens steken boven de bosschen uit.'

* Met Wilma, Co en Yvonne.

maandag 30 januari 2017

Meerburgprijs 2001

De prijswinnaars uit 2001, met als derde van links ir. Arend Meerburg, zoon van de stichter
van het Herinneringsfonds D.F.E. Meerburg. In het midden vooraan Jamie, mijn nichtje van toen.

Van de Meerburgprijs die ik in 2001 ontving, kreeg ik een foto van de krant, maar welke krant en wie de foto gemaakt heeft, dat weet ik niet meer. (Laten zij zich vooral melden, dan kan ik dat alsnog erbij zetten.) De prijs – de laatste in guldens – was ter financiering van mijn proefschrift Dialect en dialectverlies in Katwijk aan Zee, dat in 2004 verscheen.

Je ziet wel dat je erg wit wordt van het schrijven van een boek, en ook papperig, altijd maar binnen, in je kamertje aan je bureau. Je kunt beter een museum inrichten of zingen in een koor, dingen waar de andere prijswinnaars zich destijds mee bezighielden, dan krijg je tenminste een kleurtje op je wangen.

zaterdag 21 januari 2017

De vier-zes (vervolg)

De vier-zes.

Daar is hij dan, mijn kroon, helemaal uit China!

'Dat zijn zulke goeie kronen,' vertelt mijn tandarts. 'Mooi opgebakken, nog op metaal. Kijk maar.'
Ik zie het.
'Metaal dat flinterdun is. Maar hard! Als ik erdoorheen moet boren voor een wortelkanaalbehandeling, ben ik zo drie boortjes kwijt.'
'Wat is dat dan voor metaal, dat dat zo hard is? vraag ik. 'Toch niet dat staal dat ze voor tanks gebruiken, met allemaal radioactief spul erin? Dat je met een mond vol straling loopt.'
'Nee, het is een legering. Maar waarvan, dat weet ik ook niet. Als het radioactief was, had ik het allang gemerkt. Want als ik mijn mond opendoe, lacht China je toe.'

zaterdag 14 januari 2017

Bandje van echtheid (vervolg)


Het bandje van echtheid zit voor in mijn kinderalbum. Het is niet het kinderalbum dat mijn ouders begonnen waren.* Toen ik een jaar of twintig was, heb ik de foto's in een nieuw album overgeplakt. In het oude album zaten ze allemaal los en door elkaar. Aan de hand van de kleren die ik aanhad, en helemaal in het begin niet aanhad, heb ik de foto's weer in de goede volgorde gezet, waarmee de chronologie van gebeurtenissen uit mijn kinderjaren werd hersteld. Gebeurtenissen? Je woonde in Katwijk, dus veel naar het strand en de duinen.

Het was nog een heel werk om al die foto's weer op volgorde te krijgen. Bij het overplakken ging het bandje van echtheid weer netjes op de eerste bladzijde. Waar het thuishoort. Het is het allereerste wat er van mij is. Mijn allereerste bewijs dat ik besta.** In het ziekenhuis werden toen nog geen foto's gemaakt, denk ik. Een andere tijd. Omdat het na alle herstelwerkzaamheden nu mijn album werd, plakte ik onder het bandje van echtheid een foto van toen ik vier was en van hoe ik er nu (in 1982) uitzag.*** Hiermee was mijn eigen album officieel bezegeld. Het was de tijd dat ik wel eens een plaat van The Doors opzette.

* Zo'n album houdt ergens op als je twaalf bent. Je ouders zijn dan al nagenoeg gestopt met foto's van je te maken. Tot je twaalfde zijn er nog wel de officiële schoolfoto's, zoals van de actie 'Snoep verstandig, eet een appel', of van Sinterklaas die langskomt, met een Piet die door de klas rent en alle kinderen die naar hem wijzen om de gekkigheid die hij uithaalt, en als laatste de foto's van de driedaagse schoolreis aan het einde van de zesde klas. Allemaal niet meer door je ouders gemaakt. Daarna gaat het hink-stap-sprong door de middelbareschooltijd, met vooral weer officiële schoolfoto's, tot de tijd dat je zelf foto's gaat maken. Het kinderalbum strandt ten slotte in lege witte bladzijden.
** Ik heb er nietjes in geslagen. Had ik de klus van het overplakken later opgepakt, dan had ik er vast zuurvrij plastic omheen gedaan. De fotohoekjes waren al wel zuurvrij, denk ik, in die tijd. De foto's zitten er in ieder geval niet aan vastgekleefd.
*** De linkerfoto is van de kleuterschool, de Juliana-kleuterschool op het Abeelplein, de rechterfoto is gemaakt in een fotohokje, nog in het oude station van Leiden.

zaterdag 7 januari 2017

De vier-zes

Noodkroon, zijaanzicht, sterk vergroot.

Gisteren was ik bij mijn tandarts. Ik moet een kroon. Het is de vierde al. Dit was het voorbereidende consult, waarin de opzet voor de kroon gemaakt wordt. De kies wordt daartoe bijgeslepen en je moet happen. Drie keer. Voor een afdruk van waar de kroon komt, van de tegenoverliggende kiezen en van de aansluiting tussen boven- en ondergebit. De afdrukken worden opgestuurd naar China en over twee weken is mijn kroon er dan.

Noodkroon, bovenaanzicht, sterk vergroot.

In de tussentijd krijg je een aluminium noodkroon. Toen mijn tandarts hem wilde plaatsen, schoot hij tussen zijn vingers vandaan en viel op de grond. Hij pakte een nieuwe en liet de doos met vakjes zien waar de noodkronen in opgeborgen zitten. Hij vertelde dat inbrekers ze eens hadden meegenomen, omdat ze dachten dat het zilver was. Maar ze zijn zo goed als waardeloos. Daarom mocht ik die gevallen kroon wel hebben. Leuk, nooit eerder gezien en nooit in mijn handen gehad. Voor mij had zo'n kroon wel waarde, misschien zette ik hem wel op een sokkeltje op mijn bureau. Ik vroeg of dat nou allemaal standaardmaten waren in die vakken. De tandarts vertelde dat dit de 46 was, de 'vier-zes. Er zijn ook collega's die zeggen de zesenveertig, maar ik hou het bij wat ik geleerd heb, de vier-zes. Van het vierde kwadrant de zesde tand/kies vanaf de voorste snijtanden gerekend rechts van het midden.'


Hij tekende het nog even op het whiteboard. De vier kwadranten, 1 rechtsboven, 2 linksboven, 3 linksonder en 4 rechtsonder. Je hebt vanaf het midden naar opzij twee snijtanden, 1 en 2, dan de hoektand, nummer 3 – de tandarts tekende hem een beetje lager – en dan na 4 en 5 deze noodkroon voor  nummer 6, de 46. En ik voelde en telde nog eens met het puntje van mijn tong. Het klopte precies, de vier-zes.

Om het nog eens na te lezen op Wikipedia klik je hier.

maandag 2 januari 2017

Meerburgprijs

Leendert de Vink en Jaap van der Marel met de prijs.

Wat een feest! En het jaar is nog maar net begonnen...

Vanavond ontvingen we de Meerburgprijs voor het Katwijks woordenboek, dat er gauw gaat komen!

Met de overige prijswinnaars en ir. Marjolein Meerburg, kleindochter van
de stichter van het Herinneringsfonds D.F.E. Meerburg. Foto's: Wilma Overdevest.

Meer over de Meerburgprijs vindt u hier.

zondag 1 januari 2017

Het jaar begonnen


Het jaar begonnen met het Nederlands Blazers Ensemble. Voor het eerst. We maken er meteen een traditie van.


Bij de ballonnen die naar beneden kwamen was de camera te laat met scherpstellen. Maar geen nood, de uitzending is hier terug te zien.

woensdag 7 december 2016

Bandje van echtheid

Bandje van echtheid, 1,1 x 10,5 cm.

Dit is mijn 'bandje van echtheid'. Het bewijs dat ik het ben die op 7 december 1961 om 3.24 uur geboren werd. Ik kreeg het om mijn pols in het Academisch Ziekenhuis te Leiden. Er staat ook nog een nummer op: 2118.* Alles om te voorkomen dat ik verwisseld zou worden met een andere baby. Dat had gemakkelijk gekund.

Precies een week eerder namelijk, op 30 november 1961, werd Huig van der Meij geboren. Ik heb zijn bandje van echtheid nooit gezien, maar ik weet dat omdat ik hem geïnterviewd heb voor mijn onderzoek naar het Katwijks dialect en bij het invullen van de personalia naar zijn geboortedatum heb gevraagd. Toen we het erover hadden, dat we precies een week na elkaar geboren waren, vertelde hij dat hij in hetzelfde zaaltje gelegen had als ik en dat mijn vader toen hij op bezoek kwam een keer een visje had meegebracht voor onze moeders.**

Als ik met Huig verwisseld was, had mijn leven er heel anders uitgezien. Ik was dan hovenier geweest en in een gezin opgegroeid waar plat Katwijks werd gesproken. Mijn vader had op klompen gelopen en ik had in de Sluisweg gewoond. Toen ik zesendertig was, zou daar een dialectoloog zijn langsgekomen die mij ging interviewen over mijn dialect. Dat zou dan Huig van der Meij geweest zijn, maar met mijn naam en achternaam.*** Hij moest nog meer interviews afnemen in Katwijk en ging daar een dik boek over schrijven.**** Als ik met Huig verwisseld was, had mijn zus een heel andere broer gehad. Maar we hadden dat allemaal niet geweten.

Als het toch gebeurd is en ik verwisseld ben, wat gemakkelijk kan, is Huig de zoon van mijn moeder en ben ik de zoon van zijn moeder. We zullen het nooit weten.

Noten
* Zo'n hoog nummer kan natuurlijk best als je in december geboren wordt. Ik moet dat uitzoeken. Als het inderdaad een volgnummer is en we ervan uitgaan dat ik op de 341ste dag van 1961 geboren ben, komen we voor het Academisch Ziekenhuis Leiden op een gemiddelde van 6,2 baby's per dag. Ik vind dat nog meevallen voor zo'n groot ziekenhuis. Maar misschien kreeg je in andere gevallen ook wel een bandje van echtheid om je arm en dan is het gemiddelde geboortecijfer lager.
** Dat had hij van zijn moeder gehoord. Blijkbaar lag je in het begin van de jaren zestig ook wel lang in het ziekenhuis als je bevallen was.
*** Want wij zouden alleen als persoon verwisseld zijn. Het interview vond plaats op 2 december 1997.
**** Dat was zijn proefschrift, Dialect en dialectverandering in Katwijk aan Zee, dat in 2004 zou verschijnen. Met Jaap van der Marel zou Huig van der Meij nu aan het Katwijks woordenboek gewerkt hebben, dat volgend jaar verschijnt, bijgenaamd 'De Dikke Van der Meij en Van der Marel'. Wat goed blijft hangen, omdat het door het staf- of letterrijm zo mooi allitereert. Maar dat kunnen we niet weten, of het Huig is die in mijn naam aan het woordenboek werkt, en dus wordt de bijnaam gewoon toch maar 'De Dikke De Vink en Van der Marel'.

dinsdag 29 november 2016

Tynjetaler – Mooi Friesland (3)

Friese tynjetaler, normaal met grote gaten, hier door de verpakking wat verfrommeld.

En een tynjetaler, da's gewoon een emmentaler uit Tynje. Zo eenvoudig is dat. Alleen, in Tynje zijn geen dalen. Maar... in Emmen ook niet.

De tynjetaler wordt exclusief gemaakt bij kaasboerderij De Gelder, in Tynje.*

* Tynje is hier op z'n Fries gespeld. In het Nederlands is het Tijnje, maar de uitspraak blijft 'tienje'.