maandag 27 februari 2012

KLM-huisjes (1)

Van links naar rechts de nummers 44, 4, 2 en 24

Zaterdag in Haarlem m'n eerste KLM-huisje gekocht: de nummer 2. En meteen na de lunch nog maar eens terug naar de winkel, voor de nummers 4 en 24. En later, op weer een ander adres, huisje nummer 44 aangeschaft. Want een huisje uit Leiden wilde ik toch ook wel hebben. Volgens de site van onze nationale luchtvaartmaatschappij, waarop je langs de KLM-laan kan wandelen, is het Hooglandse Kerkgracht 19, gebouwd omstreeks 1620. Huisje 24, 'De Kroon', staat op de Mient 31 in Alkmaar. Huisje 2 is restaurant d'Vijff Vlieghen in de Spuistraat 294 in Amsterdam. Het is gebouwd door Jan Janszoon Vijff Vlijghen in 1627. Het jaartal is in de vorm van vier muurankers in de gevel verwerkt, en dat zie je ook op het miniatuurhuisje. Huisje 4 is een fantasiehuisje, want de site meldt: 'Het is mogelijk dat deze replica niet is gebaseerd op een bestaand huis, maar op verschillende bouwelementen van Amsterdamse grachtenpanden.' Dat klopt ook wel, want volgens een andere site, klm-huisjes.nl, staat dit huis op de Keizersgracht 127, maar het geveltje klopt niet met de afbeeldingen van het pand in de werkelijkheid, die ik vind op internet. Wel een dubbele trap voor het huis maar een heel ander dak.


KLM-huisjes. Waar ben ik aan begonnen? Was het de eerste zon op die mooie zaterdag in februari die mij in de verleiding bracht, de blik in de etalage waar net een zonnestraal op een van de huisjes viel, vervolgens de onbewuste gang de winkel in om eens wat van die huisjes in het echt te bekijken én aan te raken – wat waren ze eigenlijk klein van dichtbij –, of was het de vriendelijke verkoopster, iets opzij achter de toonbank, die steeds maar riep: 'Wat zijn ze mooi, hè!' en: 'We hebben er nog veel meer!'
Dom, dom, en nog er eens dom. Eén huisje had toch genoeg geweest, gewoon voor de leuk. Maar er dan nog een kopen, en omdat dat geen gezicht is – alle goeie dingen bestaan immers uit drie –, nog een, en ook nog een vierde, omdat het dan op een echt straatje begint lijken. Eerst maar even wennen aan het idee dat ze nu in mijn huiskamer staan, dat rijtje Delfts blauwe geveltjes.

De huisjes zijn miniaturen van bekende Hollandse panden, meest grachtenpanden uit Amsterdam, maar ook uit andere vaderlandse steden, en pandje 85 staat in Curacao. Ieder jaar op 7 oktober, de oprichtingsdatum van de luchtvaartmaatschappij in 1919, wordt er een nieuw huisje uitgegeven. Mensen die bij de KLM World Business Class vliegen, krijgen zo'n huisje cadeau. Als het schoorsteentje nog is afgesloten met een kurkje en een dotje was, is het huisje gevuld met jenever. Jenever van Lucas Bols. Voorheen Henkes, die in 1986 door Bols werd overgenomen, en daarvoor Simon Rynbende, die in 1970 door Henkes was overgenomen. Op de huisjes die door de jaren heen verschenen zijn, vanaf 1952, kun je de overnames mooi volgen. De huisjes zelf zijn tot 1964 gemaakt door Plateelbakkerij Zuid Holland, daarna tot 1995 door de Koninklijke Goedewagen, tot 1984 in Gouda en daarna in Nieuw Buinen, in Drente. Delfts blauw uit Drente! Vanaf 1995 komt het aardewerk van nog verder weg uit het oosten, uit Hongkong. Door wie ze daar gemaakt worden, weet ik niet, maar Delfts blauw zijn ze nog wel. Dat is misschien ook wat ze zo leuk maakt – want daar ben ik nog niet uit –, de huisjes zijn wit en hebben blauwe raampjes en deurtjes en het dak is donkerblauw. Dat is natuurlijk niet de werkelijkheid, maar toch ook weer wel, misschien omdat de vorm van de huisjes je zo bekend voorkomt, maar meer nog omdat er zoveel Delfts blauwe spulletjes bestaan die volgens hetzelfde blauwwitte stramien gemaakt zijn. Je zal niet gauw een blauw huisje met witte raampjes en een wit dak tegenkomen.


Het geeft wel status, vier van die KLM-huisjes in je raamkozijn. Alsof je vier keer World Business Class gevlogen hebt. Een keer zat ik naast Jan des Bouvrie. Ik herkende hem toevallig aan zijn bril. En de laatste keer terug uit Parijs was het de actrice Audrey Tautou die voor me zat, bekend van de films Amelie en De Da Vinci Code. Allemaal kregen we weer zo'n huisje. Als je veel vliegt in de World Business Class, krijg je die huisjes dubbel of heb je er op een gegeven moment heel veel dezelfde, omdat de KLM er maar één per jaar uitgeeft (in de beginjaren moeten het er meer geweest zijn). Dan breng je ze naar een tweedehandszaak of souvenirwinkel, om er andere, minder gefortuneerde landgenoten gelukkig mee te maken.

Veel nieuws over de huisjes is ook te vinden op miniatuurhuisjes.nl.

zaterdag 18 februari 2012

Muizenhuis


Vandaag stonden we voor het Muizenhuis, om te zien hoe Sam en Julia wonen. Maar wat jammer nou, in geen van de honderd-en-nog-wat kamertjes waren ze te vinden.



Het Muizenhuis heeft een permanente plek gekregen in de Openbare Bibliotheek van Amsterdam (de OBA). Het huis is gemaakt door Karina Schaapman. Ze schreef er een boek over. De foto's in het boek zijn van Ton Brouwer.

woensdag 15 februari 2012

Voorlezen

Mijn nichtje Iris deed vandaag mee aan de lokale voorronde van de Nationale Voorleeswedstrijd 2012 Leiden en Leiderdorp. Ze was de beste van haar school en nu moesten de scholen tegen elkaar. Er waren negen kinderen, van zeven Leidse en twee Leiderdorpse scholen.


Kinderboekenschrijfster Selma Noort vond dat Iris de goede intonatie bij het voorlezen had, heel natuurlijk, en dat ze de stemmen van de brommerige generaal en zijn bemoeizieke vrouw in Toen mijn vader een struik werd (van Joke van Leeuwen) helemaal goed deed. In een boek dat ze in de pauze voor Iris signeerde, schreef Selma alvast dat ze heel mooi kon voorlezen. Ja, als Selma het alleen voor het zeggen had gehad, had Iris wel gewonnen. Maar helaas, er waren nog twee andere juryleden. En dus won Lidewij. Maar wij, de familie, haar vriendinnen en de schooljuf, en vast ook nog wel wat andere mensen in het zaaltje van de bibliotheek in Leiderdorp, vonden Iris gewoon de beste.


Maar wat nou nog jammerder is, is dat de volgende ronde, de kwartfinale, in de Katwijkse bibliotheek zal plaatsvinden. Daar had Iris als Leids kind van Katwijkse ouders natuurlijk helemaal de show gestolen, door haar dubbel ontwikkelde taalgevoel.

dinsdag 14 februari 2012

West Highland Way (1) – Puist

Na het gebruikelijke begin van een langeafstandspad, een parkje met poep, want hier worden de honden van de plaats waarvandaan je start nog uitgelaten (vergelijk het met de Rijnmond aan het begin van de Katwijkse Noordduinen of het gebied bij de Soefitempel waar de Zuidduinen beginnen), was daar het lowland, de entree tot de Highlands: mooi weidegebied met beekjes en bossages. Lekker om er weer een beetje in te komen met je nieuwe wandelschoenen. Goed ook, vanwege de standaard-drie-dagen-spierpijn, maar daarna... alleen-nog-maar-genieten-van-de-buitenlucht! Bagage achtergelaten voor het busje dat het naar de volgende halteplaats zou brengen. Dat was nog eens wandelen. Geen tien kilo bagage meer op je rug. Die tijd hadden we gehad. Alleen een dagrugzakje, met wat broodjes en water en een regenpak. Wat we ook nog hadden kunnen laten meevervoeren door het busje. Want het was een uitbundige zonneschijn, die eerste dag.


Vliegen naar Edinburgh, onze thuisstad, treinen naar Glasgow en vervolgens Milngavie (uitspraak: 'mullguy'), het begin van de 97 mijl (156 kilometer) lange tocht. Een nietszeggend plaatsje, dat Milngavie, maar wereldberoemd, alleen omdat het het begin is van de West Highland Way. Bij Japanners, Amerikanen, Australiërs, zijn we ook tegenkomen, Duitsers, Britten, Belgen, Nederlanders, Denen, zijn we ook nog tegengekomen, Fransen en tal van andere landsbewoners. Iedereen blijft er wel een nachtje, in Milngavie, om de volgende dag fris en uitgerust aan de tocht te kunnen beginnen. Helemaal officieel, want er staat een miniobelisk bij het beginpunt, waarbij iedereen zich laat fotograferen, in een verder kale straat, waar je normaal niets te zoeken zou hebben.


En er is meer, want deze tocht heeft aan het begin ook een 'deur', een poort waar je doorheen moet, een boog om onderdoor te gaan. Op de foto recht achter de obelisk, links van de man met de blauwe sweater. En dan krijg je dus eerst die hondenuitlaatstrook, begin van bijna elk langeafstandspad. Maar het wordt al gauw mooi.


Met verderop tussen de heuvels een groepje huizen in de nevel, als op een kerstkaart, maar dan zonder sneeuw.


En dan, als we dat lange rechte stuk langs een meer en wat keetachtige houten huizen achter de rug hebben, een groepje runderen onder een boom in een dieper gelegen weiland gezien hebben (toch geen Nederland, want daar zijn de weilanden strakgetrokken zoals je met z'n tweeën de lakens opvouwt), even naar links moeten, over een weg, en dan weer naar rechts, over een veerooster en een hek, de vlakte van het lowland in, is daar opeens die puist.  Zoals je een berg zand op strand kan scheppen, zo hoog mogelijk, om de opkomende vloed te trotseren. Een hoge, losse berg, niet verbonden met het gebergte in de verte. Ergens in een verre ijstijd naar voren geschoven. Bomen erop gezet. Klaar!


De eerste berg die zich aandient, een heuvel eigenlijk nog maar, die je begroet, als een wachtpost voor de Highlands.

dinsdag 7 februari 2012

Koud


De schoorstenen van Edinburgh. Het zal daar ook koud zijn nu.

vrijdag 3 februari 2012