zondag 28 oktober 2012

Laerie

Pas zaterdagavond viel het kwartje. Bert komt altijd met een toepasselijk cadeau aan als er iets te vieren valt. Zo kwam hij, toen ik de cd Katteks, om 't te bewaere voor 't naegeslacht uitbracht, met een kistje sigaren met het opschrift 'om iet te bewaere' (iet is niet in het Katwijks). De tekst was om het hoofd van een sigaarrokende Kappie de zeemeeuw gezet.



En toen Jaap en ik ons Katwijkse tegelspreukenboekje presenteerden, kregen we van de glunderende striptekenaar een keurig ingepakte kapotte tegel met daarop de tekst 'Skùrreve brenge geluk!' Ik heb de scherven moeten opplakken en inlijsten om het kleinood bij elkaar te houden.


Vrijdag, bij de presentatie van m'n nieuwe boek over het handschrift van Leendert Buijsertszoon van der Plas, was het opnieuw raak, met een fles wijn met daarop een etiket waarop ik ben afgebeeld in een spiksplinternieuwe Rolls. Een journalist van de plaatselijke omroepvereniging houdt de wagen staande en vraagt: 'Menaer De Vink, is 't waer tot 'r in 't echte logbouk 'n skatkaert zat?...' Waarop ik roep: 'Laerie!!!' Dat is larie in het Katwijks. Larie is lariekoek, en dat is complete onzin. Prachtig hoe op het plaatje die arm, een vleugel, op het portier ligt! (Omdat het etiket óm de fles zit, heb ik twee foto's van het etiket gemaakt en die een beetje in elkaar gevlochten.)




Pas zaterdagavond laat, moe van alle beslommeringen (van de avond van de presentatie, het radio-interview in de ochtend erna en de signeersessie op de middag van die dag), onderuit gezakt op de bank, viel het kwartje. In de verte, aan de overkant van de kamer, ontwaarde ik, door ogen die nog net niet dicht vielen, de fles wijn. Verrek, dacht ik. Bert had bij de vertaling van de Kappiestrip (in Katwijks dialect, waarvoor hij iedere week belt) in de week voor de presentatie nog iets anders gevraagd. Of ik ook wist wat complete, klinkklare onzin was in het Katwijks. 'Ja,' antwoordde ik, 'laeriekouk misschien, maar dat is een rechtstreekse vertaling van het woord lariekoek in het Nederlands, dus niet echt een oer-Katwijks woord, of praet-te grabbel...' Dat was onzinpraat, kletskoek. Ik vroeg in welke context het woord gebruikt werd, maar Bert ontweek die vraag. 'Nee, het moet iets zijn,' zei hij, 'wat helemaal niet kan, echt complete onzin.' 'Nou, laerie dan misschien', riep ik. Nee, dat was het ook niet. Als me nog iets te binnen schoot, moest ik maar bellen...
Maar daar had ie de oplossing voor zijn grap al te pakken, voor vrijdagavond. Maar zaterdagavond had ik hem pas helemaal door, toen ik na nog een paracetamol al bijna onder zeil was. Want de grap was natuurlijk vooral dat ik de grap zelf vertaald had.

Naschrift: ik kan zo onderhand wel een museum inrichten met alle parafernalia die me in ruim tien jaar door Bert in handen zijn gestopt.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen